בָּרוּךְ אַתָּה יְהֹוָה אֱלֹהֵינוּ מֶלֶךְ הָעוֹלָם, אֲשֶׁר יָצַר אֶת הָאָדָם בְּחָכְמָה, וּבָרָא בוֹ נְקָבִים נְקָבִים, חֲלוּלִים חֲלוּלִים. גָּלוּי וְיָדוּעַ לִפְנֵי כִסֵּא כְבוֹדֶךָ, שֶׁאִם יִפָּתֵח אֶחָד מֵהֶם אוֹ יִסָּתֵם אֶחָד מֵהֶם, אִי אֶפְשַׁר לְהִתְקַיֵּם וְלַעֲמֹד לְפָנֶיךָ אֲפִלּוּ שָׁעָה אֶחָת. בָּרוּךְ אַתָּה יְהֹוָה, רוֹפֵא כָל בָּשָׂר וּמַפְלִיא לַעֲשׂוֹת:
Gezegend zijt Gij, Eeuwige, onze God, Koning van de wereld, die de mens met wijsheid gevormd heeft en in hem talrijke openingen en holten geschapen heeft. Het is geopenbaard en bekend voor Uw troon van glorie dat, als een ervan geopend zou worden of een ervan dichtgesloten zou worden, het onmogelijk zou zijn te overleven en voor U te staan, zelfs voor een enkel uur. Gezegend zijt Gij, Eeuwige, die alle vlees geneest en wonderbaarlijk handelt.