בָּרוּךְ אַתָּה יְיָ אֱלֹהֵינוּ מֶלֶךְ הָעוֹלָם, בּוֹרֵא פְּרִי הָעֵץ.
Gezegend zijt Gij, Eeuwige, onze God, Koning van de wereld, die de vrucht van de boom schept.
בָּרוּךְ אַתָּה יְיָ אֱלֹהֵינוּ מֶלֶךְ הָעוֹלָם, בּוֹרֵא פְּרִי הָעֵץ.
Gezegend zijt Gij, Eeuwige, onze God, Koning van de wereld, die de vrucht van de boom schept.
Uitgesproken voor het eten van vruchten die aan een boom groeien, zoals appels, dadels of druiven die als vrucht worden gegeten.
De zegening drukt dankbaarheid uit voor de telkens vernieuwde gave van vruchten en de bomen die ze dragen.