עָלֵינוּ לְשַׁבֵּחַ לַאֲדון הַכּל. לָתֵת גְּדֻלָּה לְיוצֵר בְּרֵאשִׁית. שֶׁלּא עָשנוּ כְּגויֵי הָאֲרָצות. וְלא שמָנוּ כְּמִשְׁפְּחות הָאֲדָמָה. שֶׁלּא שם חֶלְקֵנוּ כָּהֶם וְגורָלֵנוּ כְּכָל הֲמונָם: שֶׁהֵם מִשְׁתַּחֲוִים לְהֶבֶל וְרִיק וּמִתְפַּלְלִים אֶל אֵל לא יושִׁיעַ: וַאֲנַחְנוּ כּורְעִים וּמִשְׁתַּחֲוִים וּמודִים לִפְנֵי מֶלֶךְ מַלְכֵי הַמְּלָכִים הַקָּדושׁ בָּרוּךְ הוּא: שֶׁהוּא נוטֶה שָׁמַיִם וְיוסֵד אָרֶץ. וּמושַׁב יְקָרו בַּשָּׁמַיִם מִמַּעַל. וּשְׁכִינַת עֻזּו בְּגָבְהֵי מְרומִים: הוּא אֱלהֵינוּ אֵין עוד. אֱמֶת מַלְכֵּנוּ. אֶפֶס זוּלָתו. כַּכָּתוּב בְּתורָתו. וְיָדַעְתָּ הַיּום וַהֲשֵׁבתָ אֶל לְבָבֶךָ. כִּי ה' הוּא הָאֱלהִים בַּשָּׁמַיִם מִמַּעַל וְעַל הָאָרֶץ מִתָּחַת. אֵין עוד:
Het is onze plicht de Meester van alles te prijzen, grootheid toe te schrijven aan de Schepper van de wereld, want Hij heeft ons niet gemaakt als de volken van de landen, noch ons geplaatst als de geslachten van de aarde; want Hij heeft ons deel niet als het hunne bepaald, noch ons lot als heel hun menigte. Want zij buigen voor ijdelheid en leegte en bidden tot een god die niet kan redden. Maar wij buigen, werpen ons neer en belijden voor de Allerhoogste Koning der Koningen, de Heilige, Gezegend zij Hij. Hij spant de hemelen uit en grondvest de aarde, en Zijn woning van heerlijkheid is in de hemelen boven, en de verblijfplaats van Zijn sterkte is in de hoogste hoogten. Hij is onze God; er is geen ander. Waarlijk, onze Koning, er is niets buiten Hem, zoals geschreven staat in Zijn Tora: “Gij zult heden weten en het ter harte nemen dat de Eeuwige God is in de hemelen boven en op de aarde beneden; er is geen ander.”
עַל כֵּן נְקַוֶּה לְּךָ ה' אֱלהֵינוּ לִרְאות מְהֵרָה בְּתִפְאֶרֶת עֻזֶּךָ. לְהַעֲבִיר גִּלּוּלִים מִן הָאָרֶץ. וְהָאֱלִילִים כָּרות יִכָּרֵתוּן. לְתַקֵּן עולָם בְּמַלְכוּת שַׁדַּי. וְכָל בְּנֵי בָשר יִקְרְאוּ בִשְׁמֶךָ לְהַפְנות אֵלֶיךָ כָּל רִשְׁעֵי אָרֶץ. יַכִּירוּ וְיֵדְעוּ כָּל יושְׁבֵי תֵבֵל. כִּי לְךָ תִּכְרַע כָּל בֶּרֶךְ. תִּשָּׁבַע כָּל לָשׁון. לְפָנֶיךָ ה' אֱלהֵינוּ יִכְרְעוּ וְיִפּלוּ. וְלִכְבוד שִׁמְךָ יְקָר יִתֵּנוּ. וִיקַבְּלוּ כֻלָּם אֶת על מַלְכוּתֶךָ. וְתִמְלךְ עֲלֵיהֶם מְהֵרָה לְעולָם וָעֶד. כִּי הַמַּלְכוּת שֶׁלְּךָ הִיא וּלְעולְמֵי עַד תִּמְלךְ בְּכָבוד. כַּכָּתוּב בְּתורָתֶךָ. ה' יִמְלךְ לְעולָם וָעֶד: וְנֶאֱמַר. וְהָיָה ה' לְמֶלֶךְ עַל כָּל הָאָרֶץ. בַּיּום הַהוּא יִהְיֶה ה' אֶחָד וּשְׁמו אֶחָד:
Daarom hopen wij op U, Eeuwige onze God, om spoedig de pracht van Uw macht te zien: om de afgoderij van de aarde te verwijderen, en de afgoden zullen geheel worden uitgeroeid; om de wereld te vervolmaken onder het koningschap van de Almachtige. Dan zal alle vlees Uw Naam aanroepen, om alle goddelozen van de aarde tot U te keren. Mogen alle bewoners van de wereld erkennen en weten dat voor U elke knie zich zal buigen, en elke tong zal zweren. Voor U, Eeuwige onze God, zullen zij buigen en neervallen, en zij zullen heerlijkheid geven aan Uw geëerde Naam. Mogen zij allen het juk van Uw koninkrijk aanvaarden, en moogt Gij spoedig over hen heersen voor eeuwig en altijd. Want het koninkrijk is van U, en voor eeuwig en altijd zult Gij in heerlijkheid heersen, zoals geschreven staat in Uw Tora: “De Eeuwige zal heersen voor eeuwig en altijd.” En er is gezegd: “En de Eeuwige zal Koning zijn over de gehele aarde; op die dag zal de Eeuwige Eén zijn, en Zijn Naam Eén.”
אַל תִּירָא מִפַּחַד פִּתְאם וּמִשּׁאַת רְשָׁעִים כִּי תָבא: עֻצוּ עֵצָה וְתֻפָר. דַּבְּרוּ דָבָר וְלא יָקוּם. כִּי עִמָּנוּ אֵל: וְעַד זִקְנָה אֲנִי הוּא. וְעַד שיבָה אֲנִי אֶסְבּל. אֲנִי עָשיתִי וַאֲנִי אֶשּא וַאֲנִי אֶסְבּל וַאֲמַלֵּט:
Vrees geen plotselinge verschrikking, noch de verwoesting van de goddelozen wanneer zij komt. Beraam een plan, maar het zal verijdeld worden; spreek een woord, maar het zal niet standhouden, want God is met ons. Tot uw ouderdom toe ben Ik Dezelfde, en tot uw grijze haren toe zal Ik u dragen. Ik heb het gemaakt, en Ik zal het dragen; Ik zal het torsen en zal u bevrijden.
קדיש יתום:
Kaddiesj van de rouwenden:
אבל:
Rouwende:
יִתְגַּדַּל וְיִתְקַדַּשׁ שְׁמֵהּ רַבָּא. [קהל: אמן]
Verheerlijkt en geheiligd zij Zijn grote naam. [Gemeente: Amen]
בְּעָלְמָא דִּי בְרָא כִרְעוּתֵהּ וְיַמְלִיךְ מַלְכוּתֵהּ בְּחַיֵּיכון וּבְיומֵיכון וּבְחַיֵּי דְכָל בֵּית יִשרָאֵל בַּעֲגָלָא וּבִזְמַן קָרִיב, וְאִמְרוּ אָמֵן: [קהל: אמן]
In de wereld die Hij naar Zijn wil heeft geschapen, moge Hij Zijn koninkrijk vestigen, tijdens uw leven, en in uw dagen, en tijdens het leven van geheel het huis van Israël, spoedig en weldra. Zegt nu: Amen. [Gemeente: Amen]
קהל ואבל:
Gemeente en rouwende:
יְהֵא שְׁמֵהּ רַבָּא מְבָרַךְ לְעָלַם וּלְעָלְמֵי עָלְמַיָּא:
Moge Zijn grote naam gezegend zijn voor eeuwig en tot in alle eeuwigheid.
אבל:
Rouwende:
יִתְבָּרַךְ וְיִשְׁתַּבַּח וְיִתְפָּאַר וְיִתְרומַם וְיִתְנַשּא וְיִתְהַדָּר וְיִתְעַלֶּה וְיִתְהַלָּל שְׁמֵהּ דְּקֻדְשָׁא. בְּרִיךְ הוּא. [קהל: בריך הוא:]
Gezegend en geprezen, verheerlijkt en verheven, opgeheven en geëerd, verhoogd en bezongen zij de Naam van de Heilige, gezegend zij Hij. [Gemeente: Gezegend zij Hij]
לְעֵלָּא מִן כָּל בִּרְכָתָא וְשִׁירָתָא תֻּשְׁבְּחָתָא וְנֶחֱמָתָא דַּאֲמִירָן בְּעָלְמָא. וְאִמְרוּ אָמֵן: [קהל: אמן]
Boven alle zegeningen en lofzangen, lofprijzingen en vertroostingen die in de wereld worden geuit. Zegt nu: Amen. [Gemeente: Amen]
יְהֵא שְׁלָמָא רַבָּא מִן שְׁמַיָּא וְחַיִּים עָלֵינוּ וְעַל כָּל יִשרָאֵל. וְאִמְרוּ אָמֵן: [קהל: אמן]
Moge er overvloedige vrede zijn vanuit de hemel en leven over ons en over geheel Israël. Zegt nu: Amen. [Gemeente: Amen]
עושה שָׁלום בִּמְרומָיו הוּא יַעֲשה שָׁלום עָלֵינוּ וְעַל כָּל יִשרָאֵל וְאִמְרוּ אָמֵן: [קהל: אמן]
Hij die vrede maakt in Zijn hoogten, moge Hij vrede maken over ons en over geheel Israël. Zegt nu: Amen. [Gemeente: Amen]