רִבּוֹנוֹ שֶׁל עוֹלָם, עִלַּת הָעִלּוֹת וְסִבַּת כָּל הַסִּבּוֹת, אַנְתְּ לְעֵלָּא לְעֵלָּא מִן כֹּלָא, וְלֵית לְעֵלָּא מִנָּךְ, דְּלֵית מַחֲשָׁבָה תְּפִיסָא בָךְ כְּלָל, וּלְךָ דֻמִיָּה תְהִלָּה, וּמְרוֹמַם עַל כָּל בְּרָכָה וּתְהִלָּה. אוֹתְךָ אֶדְרֹשׁ אוֹתְךָ אֲבַקֵּשׁ, שֶׁתַּחְתֹּר חֲתִירָה דֶּרֶךְ כְּבוּשָׁה מֵאִתְּךָ, דֶּרֶךְ כָּל הָעוֹלָמוֹת, עַד הַהִשְׁתַּלְשְׁלוּת שֶׁלִּי בַּמָּקוֹם שֶׁאֲנִי עוֹמֵד, כְּפִי אֲשֶׁר נִגְלָה לְךָ יֹדֵעַ תַּעֲלֻמוֹת, וּבַדֶּרֶךְ וּנְתִיב הַזֶּה תָּאִיר עָלַי אוֹרְךָ, לְהַחֲזִירֵנִי בִּתְשׁוּבָה שְׁלֵמָה לְפָנֶיךָ בֶּאֱמֶת, כְּפִי רְצוֹנְךָ בֶּאֱמֶת, כְּפִי רְצוֹן מִבְחַר הַבְּרוּאִים, לִבְלִי לַחֲשֹׁב בְּמַחֲשַׁבְתִּי שׁוּם מַחֲשֶׁבֶת חוּץ, וְשׁוּם מַחֲשָׁבָה וּבִלְבּוּל שֶׁהוּא נֶגֶד רְצוֹנֶךָ, רַק לִדַּבֵּק בְּמַחֲשָׁבוֹת זַכּוֹת צַחוֹת וּקְדוֹשׁוֹת בַּעֲבוֹדָתְךָ בֶּאֱמֶת בְּהַשָּׂגָתְךָ וּבְתוֹרָתְךָ. הַט לִבִּי אֶל עֵדְוֹתֶיךָ, וְתֵן לִי לֵב טָהוֹר לְעָבְדְּךָ בֶּאֱמֶת. וּמִמְּצֻלוֹת יָם תּוֹצִיאֵנִי לְאוֹר גָּדוֹל חִישׁ קַל מְהֵרָה, תְּשׁוּעַת יְהֹוָה כְּהֶרֶף עַיִן, לֵאוֹר בְּאוֹר הַחַיִּים כָּל יְמֵי הֱיוֹתִי עַל פְּנֵי הָאֲדָמָה. וְאֶזְכֶּה לְחַדֵּשׁ נְעוּרַי הַיָּמִים שֶׁעָבְרוּ בַּחֹשֶׁךְ, לְהַחֲזִירָם אֶל הַקְּדֻשָּׁה, וְתִהְיֶה יְצִיאָתִי מִן הָעוֹלָם כְּבִיאָתִי בְּלֹא חֵטְא. וְאֶזְכֶּה לַחֲזוֹת בְּנֹעַם יְהֹוָה וּלְבַקֵּר בְּהֵיכָלוֹ, כֻּלּוֹ אֹמֵר כָּבוֹד, אָמֵן נֶצַח סֶלָה וָעֶד:
Meester van de wereld, Oorzaak aller oorzaken en Grond van alle gronden, Gij zijt hoog, hoog verheven boven alles, en er is niets hoger dan Gij, want geen gedachte kan U in het geheel bevatten; en U is de stilte lofprijzing, en Gij zijt verheven boven alle zegen en lofprijzing. U zoek ik, U smeek ik: dat Gij een gang graaft, een gebaande weg vanuit Uzelf, door alle werelden heen, tot aan de plaats waar ik sta, zoals het voor U geopenbaard is, Kenner van verborgen dingen. En langs deze weg en dit pad doe Uw licht over mij schijnen, om mij in volkomen inkeer voor U terug te brengen, in waarheid, naar Uw wil in waarheid, naar de wil van de uitgelezenste Uwer schepselen; opdat ik in mijn gedachten geen enkele vreemde gedachte denk, en geen enkele gedachte of verwarring die tegen Uw wil is, maar mij hecht aan zuivere, heldere en heilige gedachten in Uw dienst, in waarheid, in het bevatten van U en Uw Tora. Neig mijn hart tot Uw getuigenissen, en geef mij een rein hart om U in waarheid te dienen. En uit de diepten der zee voer mij uit tot een groot licht, ijlings en snel en spoedig; de verlossing van de Eeuwige komt in een oogwenk; opdat ik moge leven in het licht des levens, al de dagen dat ik op de aardbodem ben. En moge ik verdienen mijn jeugd te vernieuwen, de dagen die in duisternis voorbijgingen, om ze tot de heiligheid terug te brengen; en moge mijn heengaan uit de wereld zijn als mijn komst, zonder zonde. En moge ik verdienen de liefelijkheid van de Eeuwige te aanschouwen en in Zijn tempel te verwijlen, waar alles heerlijkheid verkondigt. Amen, in eeuwigheid, sela en immer.